Ju-Jitsu Club Kuo-Lung Knokke

Moderne Zelfverdediging voor Competitieve en Recreatieve beoefenaars

 

 

 

 

 

 

 

Wedstrijdreglement (Nederlandse vertaling) Fighting-System van de Jiu-Jitsu-International-Federation.

Artikel 01. Het Fighting-System.

Het Jiu-Jitsu-International-Federation-Fighting-System bestaat uit 3 onderdelen;

1 Slagen, stoten en trappen.

2 Worpen, neerhaal-technieken, klemmen en verwurgingen.

3 Grond-technieken, houdgrepen, klemmen en verwurgingen.

De duur van de wedstrijd is verdeeld in twee ronden van elk 2 minuten zuivere speeltijd, onderbroken met een rustpauze van 1 minuut.

[ Het einde van elke ronde wordt door de tafelbezetting aangegeven door een geluidsignaal. (bel of gong) ]

[ De bel of gong kan worden vervangen door het gooien van een rijstzakje in de omgeving van de Mat-Scheidsrechter ]

Artikel 02. Gewichtsklassen.

Heren & Dames

0 tot 62kg & 0 tot 55kg

62 tot 69kg & 55 tot 62kg

69 tot 77kg & 62 tot 70kg

77 tot 85kg & 70kg en hoger

85 tot 94kg

94kg en hoger

Artikel 03. Wedstrijdruimte en organisatie.

•  De wedstrijdruimte voor elke wedstrijd dient minimaal 8 x 8 meter te zijn. Hieromheen bevindt zich een gevarenzone van 1 meter en een veiligheidszone van 1 meter. De totale competitieruimte bedraagt 12 x 12 meter.

•  De gehele competitieruimte moet bedekt zijn met een Tatami. De kleur van de gevarenzone dient van een andere kleur te zijn dan die van de gevechtsruimte en de veiligheidszone.

•  De organisatie zorgt voor: stopwatches, scheidsrechtersarmbanden, lijsten en administratieve papieren, E.H.B.O. (ambulance), arts, scoretafels, plaats en tafels voor de scheidsrechters en de technische commissie. [ de wedstrijdbanden (rood en wit) dienen door de deelnemers meegenomen te worden].

[ De scheidsrechters dienen zelf voor hun armbanden te zorgen.] [ Arts en ambulance zijn niet noodzakelijk. Een EHBO-post per twee wedstrijdmatten is voldoende.]

•  De tafelbezetting dient uit minimaal vier personen te bestaan, waarvan minstens een persoon een officiële scheidsrechter dient te zijn. Er mogen bij finales twee tafel-scheidsrechters zijn wanneer het totaal aantal scheidsrechters het toestaat en indien dit bij elke finale in het toernooi gebeurt.

Artikel 04. Wedstrijdkleding.

De deelnemers dragen een witte Jiu-Jitsu-Gi die schoon en in orde dient te zijn. De deelnemers dragen een rode of witte band. Het jasje en broek dienen aan de volgende eisen te voldoen:

•  Het jasje moet lang genoeg zijn om de heupen te bedekken en moet door een band om de taille vastgeknoopt zijn.

•  De mouwen van de jas moeten wijd genoeg zijn om vast te pakken en lang genoeg zijn om meer dan de helft van de onderarmen te bedekken zonder dat zij over het polsgewricht komen.

•  De pijpen van de broek moeten wijd zijn en lang genoeg zijn om meer dan de helft van het onderbeen te bedekken.

•  De band wordt geknoopt met een platte knoop, strak genoeg om te voorkomen dat de jas los gaat hangen en moet lang genoeg zijn om twee maal om het lichaam te kunnen, zodat er nog 15 cm. aan iedere kant van de vastgeknoopte knoop overblijft.

•  Vrouwelijke deelnemers zijn verplicht om een wit T-shirt onder het jasje te dragen. Mannelijke deelnemers is het niet toegestaan om een T-shirt onder het jasje te dragen.

•  De deelnemers zijn verplicht om zachte, korte en lichte handbeschermers te dragen. Ook is verplicht zachte voet en scheenbeenprotectors te dragen. Het is toegestaan om kruisbeschermers en/of mondbeschermer te dragen.

•  Vrouwelijke deelnemers mogen een borstbeschermer dragen.

Artikel 05. Persoonlijke verplichtingen .

•  De deelnemers dienen de nagels van de voeten en de handen kortgeknipt te hebben en het is niet toegestaan om dingen te dragen die de tegenstander kunnen verwonden of in gevaar kunnen brengen.

•  Een deelnemer die een bril nodig heeft mag op eigen risico contactlenzen te dragen.

Artikel 06. Positie aan het begin en aan het einde van de wedstrijd.

•  De deelnemers staan met de gezichten naar elkaar gekeerd, in het midden van de wedstrijdruimte, op een afstand van ongeveer twee meter.

•  Bij aanvang van de wedstrijd maken de deelnemers een staande buiging naar de scheidsrechter en vervolgens naar elkaar.

•  Aan het einde van de wedstrijd maken de deelnemers een staande buiging naar elkaar en vervolgens naar de scheidsrechter.

Artikel 07. Wedstrijdverloop.

•  De wedstrijd begint met deel 1. De deelnemers staan met de gezichten naar elkaar toe op een afstand van 2 meter.

•  Op het moment van contact tussen de deelnemers (door de tegenstander vast te houden), treed deel 2 in werking. Alleen op dit moment is vastpakken en tegelijkertijd stoten/slagen/trappen door beide deelnemers toegestaan. Na het beginnen van deel twee is dit niet meer toegestaan.

•  Zolang de deelnemers elkaar staande vasthebben, vechten zij in deel 2.

•  Zodra een van de deelnemers naar de grond gebracht of geworpen is treedt automatisch deel 3 in werking.

•  Zodra in deel 2 of deel 3 het contact verbroken is treedt automatisch deel 1 in werking.

•  Wanneer een deelnemer in deel 1 naar de tegenstander rent zonder een technische handeling te maken of hij brengt zich zelf in gevaar (Mobobe) zal de scheidsrechter hem een technische straf toekennen en de wedstrijd gaat door in deel 1.

•  Het is de deelnemer toegestaan om enkele tellen in de gevarenzone te verblijven. (Ongeveer 5 seconden).

•  Worpen die starten in de gevechtsruimte zijn toegestaan ook als de tegenstander in de gevarenruimte en/of veiligheidsruimte wordt geworpen, indien de worp echter zonder gevaar is voor de tegenstander.

Artikel 08. scheidsrechters.

De wedstrijd wordt geleid door 1 matscheidsrechter (MS) en 2 zijscheidsrechters (ZS). MS en ZS dienen van andere landen afkomstig te zijn dan de deelnemers die op de mat staan. De twee ZS moeten ieder ook van een ander land afkomstig zijn.

[ Voor Nationale begrippen hoort men het woord “land” te vervangen door sportschool/vereniging.]

Artikel 09. Positie en functie van de matscheidsrechter.

De matscheidsrechter dient binnen de competitieruimte te blijven en is verantwoordelijk voor het verloop van de wedstrijd.

Artikel 10. Positie en functie van de zijscheidsrechter.

De zijscheidsrechters assisteren de matscheidsrechter en staan aan de zijkant van en buiten de wedstrijdruimte. De zijscheidsrechters verplaatsen zich gedurende de wedstrijd langs een zijde van de gevechtsruimte zodat zij te allen tijde de wedstrijd het beste kunnen volgen.

Artikel 11. Toepassing van de punten en de straffen.

•  Punten en straffen worden erkend door een meerderheid van scheidsrechters, d.w.z. ten minste twee scheidsrechters.

•  Indien alle drie de scheidsrechters een verschillende score aangeven wordt de tussenliggende score gegeven.

•  Indien een van de scheidsrechters een actie niet waarneemt, dan telt de laagste van de overgebleven scores.

Artikel 12. Toepassing van "Hajime" en "Matte" .

•  De matscheidsrechter kondigt ''Hajime'' aan om de wedstrijd te starten.

•  De matscheidsrechter kondigt ''Matte'' aan om de wedstrijd tijdelijk te stoppen in de volgende gevallen:

•  Indien een of beide deelnemers buiten de gevarenzone komt/komen.

•  Indien een of beide deelnemers een van de verboden handelingen uitvoert/uitvoeren. [ In fase 2 en 3 gebruikt men Sonomamma]

•  Indien een of beide deelnemers gewond, ziek of onwel wordt/worden.

•  In elk geval dat de matscheidsrechter dit nodig vindt. (bijv. het in orde maken van de Gi of het geven van scores

•  In elk ander geval dat een zijscheidsrechter dit nodig vindt en waardoor hij/zij in zijn/haar handen klapt.

•  Iedere keer dat in deel 2 of deel 3 het contact verbroken is.

•  De matscheidsrechter kan de wedstrijd stoppen tijdens een verwurging of klem, indien de deelnemer hiertoe zelf niet in staat is door af te tikken. Er wordt aan de andere deelnemer in deel twee, twee punten gegeven of wanneer dit in deel drie voorkomt 3 drie punten gegeven.

•  Zodra de Osaekomi-tijd is verstreken.

•  Iedere keer als de matscheidsrechter "Matte" aankondigt, wordt de tijd stopgezet.

Artikel 13. Punten.

De wedstrijdpunten dienen genoteerd te worden door het secretariaat van iedere wedstrijdruimte.

•  De volgende punten kunnen in deel 1 gegeven worden. (Slagen, Stoten en Trappen)

•  Een ongeblokkeerde stoot, slag of trap in goede balans en controle = 2 punten = Ippon.

•  Een gedeeltelijk geblokkeerde slag, stoot of trap = 1 punt = Waza-ari.

•  De volgende punten kunnen in deel 2 gegeven worden. (Worpen, Neerhaaltechnieken. Klemmen en Verwurgingen).

•  Een perfecte worp / techniek naar de grond = 2 punten = Ippon.

•  Een klem / verwurging met aftikken = 2 punten = Ippon.

•  Een niet perfecte worp / neerhaaltechniek = 1 punt = Waza-ari.

•  De volgende punten kunnen in deel 3 gegeven worden. (Grondtechnieken, Houdgrepen, Klemmen en Verwurgingen).

1. Een effectieve controle, aangekondigd als Osaekomi in 20 sec. (De deelnemer kan zich niet bevrijden). 10 sec.=1 punt = waza-ari. 20 sec.=2 punten = Ippon. [houdgreep wordt aangekondigd wanneer de beide heupen (buik) of beide schouders (rug) de grond “raken” en tori niet tussen de benen van uke ligt.]

2. Een klem / verwurging met aftikken [ houdgreep met aftikken ] = 3 punten = Ippon.

•  Een effectieve controle die in de twee minuten wedstrijdtijd wordt ingezet, mag tot het einde van de controle worden gemaakt (ook indien dan de daadwerkelijke wedstrijd/vechttijd van twee minuten tijdens die Osaekomi verstrijkt).

•  Het raakgebied van het lichaam verloopt van het einde van de keel tot aan het kruis.

•  Alle verwurgingen zijn toegestaan behalve verwurgingen met de hand.

•  Een technische handeling betekent dat de deelnemer de techniek in goede balans, met controle en in combinatie uitvoert, eer de deelnemer naar het volgende deel gaat.

Artikel 14. Uitslag van de wedstrijd.

•  Een wedstrijd kan voortijdig gewonnen worden door voor het aflopen van de wedstrijdtijd in alle drie de wedstrijddelen een Ippon (2, of 3-punter) te scoren. [Full-Ippon] .

•  Wanneer er tussen de deelnemers na de eerste ronde [ In de pauze ] 14 punten of meer verschil is, wint de hoogst scorende deelnemer.

•  De deelnemer met het meeste aantal punten aan het eind van de wedstrijd wint die wedstrijd.

•  Wanneer de deelnemers aan het einde van de wedstrijd hetzelfde aantal punten hebben gescoord, wint diegene met de meeste Ippons.

•  Wanneer de wedstrijd ook gelijk eindigt in Ippons, dan wordt er nog een ronde van 2 minuten gestart en zo volgend tot er een winnaar bekend is. Dit is meerdere keren mogelijk.

Artikel 15. Gebruik van Sonomamma.

"Sonomamma" wordt gebruikt indien de scheidsrechter de wedstrijd [ in deel 2 en 3 ] tijdelijk moet onderbreken bij:

•  Wanneer een of beide deelnemers een waarschuwing krijgt voor passiviteit.

•  Wanneer aan een deelnemer een technische straf wordt toegekend. [ Ook bij het straf geven voor een verboden handeling.]

•  Telkens als de scheidsrechter dit noodzakelijk vindt.

Na "sonomamma" gaan de deelnemers in exact in dezelfde positie verder dan op het moment dat de scheidsrechter "Sonomamma" heeft aangekondigd. Dit geschiedt doordat de scheidsrechter beide deelnemers aanraakt en "Yoshi" aankondigt.

Artikel 16. Licht verboden handelingen. [Shido].

•  Wanneer een of beide deelnemers passief zijn of bij technische fouten [(5 sec. Op de rode rand, geldt in alle drie wedstrijddelen)(Mobobe)] .

•  Het opzettelijk buiten de wedstrijdruimte gaan met het gehele lichaam of met beide voeten buiten de wedstrijdruimte stappen.

•  Het opzettelijk trappen en stoten na het begin van deel twee, wanneer een der deelnemers zijn grip heeft gestabiliseerd.

•  Een verdere actie uitvoeren nadat er "Matte" is aangekondigd.

•  Het [ daadwerkelijk ] schoppen of trappen naar de benen.

•  Stoten, slaan en/of trappen naar de tegenstander wanneer hij ligt.

•  Klemmen van vingers en/of tenen.

•  Met de benen rond de nieren van de tegenstander klemmen. [ Do-Jime]

•  Het opzettelijk de tegenstander buiten de gevarenzone duwen.

Artikel 17. Verboden handelingen. [Chui].

•  Voor de tweede maal een licht-verboden handeling uitvoeren. [De scheidsrechter kondigt toch "Shido" aan. Aan de tafel wordt er opgeteld] .

•  Het uitvoeren van trappen, duwen, slagen en stoten met het doel het lichaam van de tegenstander hard te raken.

•  Het opzettelijk de tegenstander buiten de gevarenzone werpen.

•  Het negeren van de instructie van de matscheidsrechter.

•  Het maken van onnodige opmerkingen, insinuaties en gebaren naar de tegenstander, mat- en/of zij-scheidsrechter.

•  Het opzettelijk maken van ongecontroleerde acties.

•  Het maken van [ rechte ] directe trappen of stoten naar het hoofd.

Artikel 18. Zwaar verboden handelingen. [Hansokumake].

•  Een handeling toepassen die de tegenstander kan verwonden.

•  Werpen of proberen te werpen van de tegenstander met een klem of verwurging of het maken in beweging van een klem op de nek of de rugwervelkolom.

•  Het maken van een klem op de nek.

•  Het maken van een gedraaide knieklem of een voetklem.

Artikel 19. Straffen.

•  Licht verboden handelingen = Shido. (1 punt voor de tegenstander).

•  Verboden handeling = Chui. (2 punten voor de tegenstander).

•  Verboden handeling + licht verboden handeling = Keikoku. (2 + 1 = 3 punten voor de tegenstander).

•  Twee verboden handelingen = Hansomake = verlies van de wedstrijd. De winnaar krijgt 14 punten en de verliezer 0 punten.

•  Wanneer de deelnemer (keikoku) 3 punten krijgt vanwege overtredingen van de tegenstander, worden deze punten automatisch als een Ippon genoteerd en toegekend in het deel waarin de laatste straf werd uitgedeeld.

•  De eerste keer dat een deelnemer een zwaar verboden handeling maakt, verliest hij de wedstrijd met 0 punten en krijgt de tegenstander 14 punten.

•  De tweede keer dat een deelnemer een zwaar verboden handeling maakt, wordt hij gediskwalificeerd en van verdere deelname van het toernooi uitgesloten, [en valt buiten de prijzen] .

Artikel 20. Walk-over en Terugtrekking.

•  De beslissing "Fushen Gachi", wordt gegeven aan die deelnemer wiens tegenstander niet op komt dagen. De winnaar krijgt 14 punten.

•  De beslissing "Kiken-Gashi" wordt gegeven aan die deelnemer wiens tegenstander zich terugtrekt tijdens de wedstrijd. De terugtrekkende deelnemer krijgt 0 punten, de ander krijgt 14 punten of het aantal punten wat hij al heeft gescoord wanneer dit meer dan 14 is.

•  Wanneer de arts bepaalt dat de deelnemer uitgesloten is van de wedstrijd, is hij eveneens uitgesloten voor het gehele toernooi.

Artikel 21. Blessure, ziekte of ongeval.

•  In elk geval dat tijdens de wedstrijd een of beide deelnemers gewond raken en de wedstrijd wordt gestopt, staan de scheidsrechters een maximum tijd van 5 minuten voor herstel toe, met een totaal van maximaal 5 minuten per deelnemer per wedstrijd.

•  De beslissing van winnen en verliezen wordt genomen door de mat- en zij-scheidsrechters wanneer een deelnemer vanwege verwonding, ziekte of ongeval tijdens de wedstrijd niet meer in staat is om verder te gaan. Dit gebeurt in de volgende gevallen:

•  Verwonding:

•  Indien de oorzaak van de blessure is toe te schrijven aan de verwonde deelnemer verliest de verwonde deelnemer de wedstrijd met 0 punten en krijgt de tegenstander 14 punten.

•  Indien de oorzaak van de blessure is toe te schrijven aan de niet-verwonde deelnemer verliest de niet-verwonde deelnemer de wedstrijd met 0 punten en de verwonde deelnemer wint met 14 punten of het aantal punten wat hij al heeft gescoord wanneer dit meer dan 14 is.

•  Indien het niet mogelijk is om de verwonding aan een van de deelnemers toe te schrijven, wint de niet-verwonde deelnemer de wedstrijd met de punten die hij/zij al gehaald heeft en verliest verwonde deelnemer met 0 punten.

•  De arts (E.H.B.O.-er) beslist of de geblesseerde deelnemer de wedstrijd kan vervolgen of niet.

•  Ziekte:

•  In het algemeen indien een deelnemer onwel wordt tijdens de wedstrijd en niet in staat is door te gaan, verliest hij de wedstrijd met 0 punten en de winnaar krijgt 14 punten of het aantal punten wat hij al heeft gescoord wanneer dit meer dan 14 is.

Artikel 22. Team-Competitie.

Team-Competitie is mogelijk. Hierin gelden dezelfde regels als bij individuele competitie.

Artikel 23. Reserves in Team-Competitie.

•  Reserves mogen deelnemers die geblesseerd of onwel zijn vervangen.

•  De reserves moeten van dezelfde of lagere gewichtsklasse zijn dan diegene die zij vervangen.

•  Een gediskwalificeerde deelnemer mag niet door een reserve deelnemer worden vervangen.

•  Reserves moeten gelijktijdig aangekondigd en gewogen worden als de deelnemers.

Artikel 24. Het gedrag van coaches

De deelnemers mogen gecoachd worden door EEN coach die op de aangewezen coachplaats staat/zit. Bij wangedrag naar de deelnemers, scheidsrechters, publiek of wie dan ook, kan de matscheidsrechter beslissen de coach te (laten) verwijderen. (voor deze wedstrijd). Bij herhaling kan dit voor het hele toernooi.

Artikel 25 Indeling scheidsrechters

Het “eliminatiesysteem” wordt in poules verdeeld. (kant van schema)

Scheidsrechters mogen geen wedstrijd van een bepaalde poule leiden waarin een “eigen”deelnemer zit.

Scheidsrechters in semi-finales en finales mogen niet behoren tot de zelfde “stal” als die van de laatste vier deelnemers in competitie.

Artikel 26. Situaties die niet in de regels zijn beschreven.

In elke situatie die niet door de regels gedekt is, zal door de scheidsrechters van de betreffende wedstrijd een beslissing worden genomen.